gaan [5] erop afgaan

set_michiel_de_ruyter

Gaan + Prepositions, Part V:

 

(Regelrecht) Afgaan op ..

Hij gaat gevaren niet uit de weg. Integendeel.
Hij gaat er regelrecht op af.

He does not avoid any dangers. On the contrary. He looks them straight in the eye.
(He approaches / goes towards them directly / in a straight line.)

Erop af!
Approach!

1001004008490291

Erop af (boek)

 

Leave a Reply